Wat gebeurt er met je pensioen als je overlijdt?

Wat gebeurt er met je pensioen als je overlijdt?
Je bouwt jarenlang pensioen op, maar wat gebeurt er met dat pensioen wanneer je overlijdt? Heeft je partner recht op een deel van je pensioen? En wat gebeurt er met het aanvullend pensioen dat je via je werkgever hebt opgebouwd? En wie ontvangt een eventuele overlijdensuitkering?
In België hangt dat af van het soort pensioen (onder welk statuut je pensioenrechten opbouwde), je gezinssituatie en de voorwaarden van je pensioenplan of verzekeringspolis. We zetten de belangrijkste aandachtspunten op een rij.
Heeft je partner recht op je pensioen?
Wanneer je overlijdt, stopt in principe de uitbetaling van je eigen wettelijk pensioen. Je huwelijkspartner kan onder bepaalde voorwaarden wel recht hebben op een overlevingspensioen.
Daarvoor geldt een minimumleeftijd die geleidelijk wordt opgetrokken. Die leeftijd bedroeg 50 jaar voor overlijdens in 2025 en bedraagt 51 jaar in 2026. Vervolgens stijgt ze elk jaar met één jaar, tot 55 jaar in 2030. De leeftijd die telt, is die van de langstlevende partner op het moment van het overlijden. Ontvang je zelf al een rustpensioen, dan kan je onder bepaalde voorwaarden ook zonder die minimumleeftijd in aanmerking komen.
Daarnaast moet je in principe minstens één jaar gehuwd zijn geweest. Wettelijk of feitelijk samenwonen geeft op zichzelf geen recht op een overlevingspensioen. Ook voor je erfenis maakt je samenlevingsvorm een verschil. Lees meer over de verschillen tussen trouwen, wettelijk en feitelijk samenwonen
Er bestaan wel uitzonderingen. Zo kan de periode van wettelijke samenwoning vóór het huwelijk meetellen als die samen met het huwelijk minstens één ononderbroken jaar bedraagt. Ook wanneer er een kind uit het huwelijk of de voorafgaande wettelijke samenwoning is, er een kind ten laste is of het overlijden het gevolg is van een ongeval of beroepsziekte na de huwelijksdatum, kan van de minimumduur worden afgeweken.
Voldoe je niet aan de minimumleeftijd, maar wel aan de andere voorwaarden? Dan kan je mogelijk recht hebben op een overgangsuitkering. Dat is een tijdelijke uitkering die je financieel ondersteunt na het overlijden van je partner. De duur hangt af van je gezinssamenstelling.
Voor de partner van een overleden ambtenaar bestaat bovendien een specifieke regeling. Ook wanneer het huwelijk minder dan één jaar duurde én geen van de gelijkgestelde situaties van toepassing is, kan de huwelijkspartner of ex-huwelijkspartner onder bepaalde voorwaarden recht hebben op een tijdelijk overlevingspensioen van twaalf maanden.
Wanneer start je overlevingspensioen?
Het startmoment hangt af van de situatie. Was je partner al gepensioneerd, dan gaat het overlevingspensioen in principe in op de eerste dag van de maand na het overlijden. Was je partner nog niet gepensioneerd, dan start het overlevingspensioen voor werknemers op de eerste dag van de maand van overlijden. Voor ambtenaren is dat de eerste dag van de daaropvolgende maand.
Moet je zelf een aanvraag indienen, doe dat dan tijdig. Als je de aanvraag pas meer dan twaalf maanden na het overlijden indient, start het pensioen in principe pas op de eerste dag van de maand na je aanvraag. Voor een overgangsuitkering geldt eveneens dat een laattijdige aanvraag gevolgen kan hebben voor de uitbetaling.
De precieze voorwaarden vind je bij de Federale Pensioendienst.
Hebben kinderen recht op een wezenpensioen?
Ook kinderen kunnen onder bepaalde voorwaarden recht hebben op een pensioen na het overlijden van een ouder. In België bestaat het wezenpensioen enkel in het ambtenarenstelsel. De overleden ouder moet daarvoor als ambtenaar hebben gewerkt.
In principe komen enkel volle wezen in aanmerking. Onder bepaalde voorwaarden worden ook kinderen gelijkgesteld met volle wezen, bijvoorbeeld wanneer de langstlevende ouder geen recht heeft op een overlevingspensioen. Het wezenpensioen kan worden toegekend tot de leeftijd van 18 jaar en daarna zolang het kind nog recht heeft op kinderbijslag.
Meer informatie vind je bij de Federale Pensioendienst over het wezenpensioen.
Wat gebeurt er met je aanvullend pensioen?
Naast het wettelijk pensioen heb je misschien ook een aanvullend pensioen opgebouwd via je werkgever, bijvoorbeeld met een groepsverzekering. Ook zelfstandigen kunnen een aanvullend pensioen opbouwen.
Wat er bij overlijden gebeurt, hangt af van het pensioenplan. Veel plannen voorzien in een overlijdensdekking: een kapitaal of rente dat aan bepaalde begunstigden wordt uitbetaald wanneer je overlijdt.
Zo'n uitkering is niet hetzelfde als het pensioen dat je normaal bij pensionering ontvangt. Zonder overlijdensdekking krijgen je nabestaanden het opgebouwde pensioenkapitaal niet noodzakelijk uitbetaald.
Controleer daarom je verzekeringspolis of vraag informatie aan je werkgever of pensioeninstelling. Via mypension.be kan je je aanvullende pensioenrechten raadplegen.
Wie ontvangt de overlijdensuitkering?
Bij een groepsverzekering of levensverzekering is het belangrijk om na te gaan wie als begunstigde is aangeduid. Die persoon ontvangt de uitkering als de voorwaarden van de polis dat bepalen.
Afhankelijk van het contract kan je zelf een begunstigde kiezen, of ligt de volgorde vast in je polis. Zo kan bijvoorbeeld eerst je partner in aanmerking komen, gevolgd door je kinderen. Bij het opstellen van je verzekering heb je normaal gezien al vastgelegd wie dit erfdeel toekomt. Als dat niet het geval is, zal de uitkering van je verzekering volgens het wettelijk erfrecht (of je testament) verdeeld worden onder je erfgenamen.
Controleer dus zeker of die aanduiding nog overeenkomt met je huidige situatie en wensen. Ben je intussen getrouwd, gescheiden of opnieuw gaan samenwonen? Dan is het mogelijk dat de vermelde begunstigde niet meer degene is die je voor ogen hebt.
Kijk ook goed naar de formulering. Een concreet genoemde persoon is niet noodzakelijk hetzelfde als een omschrijving zoals 'mijn echtgenoot' of 'mijn wettelijke erfgenamen'. De gevolgen hangen af van de precieze begunstigingsclausule.
Wil je iets wijzigen? Neem dan contact op met je verzekeraar of pensioeninstelling om na te gaan wat mogelijk is en hoe je de begunstigde correct aanpast. Een testament vervangt die aanduiding niet automatisch.
Denk ook na over je nalatenschap
Je pensioenrechten en je nalatenschap zijn twee verschillende zaken. Een testament bepaalt niet wie recht heeft op een wettelijk overlevingspensioen en vervangt evenmin automatisch de begunstigde van een verzekeringspolis. Wil je weten wat er met je vermogen gebeurt als je geen testament opstelt? Lees dan hoe de wettelijke erfenisverdeling werkt
Je kan wel zelf nadenken over de verdeling van je andere bezittingen, zoals je woning, spaargeld en beleggingen. Zeker wanneer je een partner hebt, kinderen uit een vorige relatie of iemand anders iets wil nalaten, is het zinvol om je wensen tijdig vast te leggen.
Wil je zelf bepalen wie wat erft? Met Testamentum kan je stap voor stap je nalatenschap regelen en een testament opstellen dat aansluit bij je wensen. Zo breng je ook de verdeling van je vermogen in lijn met de toekomst die je voor je nabestaanden voor ogen hebt.
Gelijkaardige artikelen
Maak je erfenisverdeling gemakkelijk en zorg voor gemoedsrust voor je naasten
Als jij je wensen nu al op papier zet, bespaart dat je nabestaanden heel wat uitzoekwerk en kopzorgen. Jij bent er zeker van dat je wensen worden uitgevoerd en dat hun rouwproces rustig en conflictloos verloopt.


